Ternat
VLAAMS BELANG
Ternat

  Deze pagina werd geprint op: 9/9/2010 (23:20)
Persbericht
26-Aug-2008

Brussels Arena in Grimbergen? Krankjorum!



INHOUD

1. De feiten p. 3
2. Plannen volstrekt onaanvaardbaar p. 9
3. Over de rol van vijf overheden p. 11
3.1. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG) p. 11
3.2. De federale regering p. 12
3.3. De Vlaamse regering p. 12
3.4. De gemeente Grimbergen p. 13
3.5. De provincie Vlaams-Brabant p. 14
4. Wat wil het Vlaams Belang? p. 15
5. Het Vlaams Belang in het verzet p. 16


Klik hier door voor ons nieuw pamflet


Persreactie
HLN 27/08/08
16.000 folders tegen nieuw voetbalstadion

Grimbergen

Vlaams Belang vindt dat de federale regering het dossier van het nieuwe nationaal voetbalstadion naar zich toe moet trekken. Voor de partij moet het stadion binnen de grenzen van het Brussel gewest gebouwd worden. Een stadion op Parking C, grondgebied Grimbergen, is voor Vlaams Belang dan ook onaanvaardbaar. «Vooral de haast waarmee de Brusselse regering - en vooral Open Vld-minister Guy Vanhengel - de keuze voor Parking C wil opdringen, is onaanvaardbaar», zegt fractieleider Bart Laeremans. «Dit terwijl de haalbaarheidsstudies over de inplanting van het stadion op 'Schaarbeek-Vorming' nog niet afgerond zijn.» Het VB verspreidt haar standpunt de komende dagen via 16.000 folders in Grimbergen en Wemmel. (DBS)










1.De feiten #
1. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG) koestert sinds enige tijd zeer ambitieuze plannen op het vlak van voetbal. Verschillende belangen liggen hierbij in mekaars verlengde. Zo is er de Belgische Voetbalbond, die de hoop koestert om samen met Nederland in 2018 de Wereldbeker voetbal te kunnen organiseren. Het huidige Koning Boudewijnstadion voldoet niet meer aan de internationale normen en een nieuwbouw (al dan niet op dezelfde plaats) dringt zich op. Daarnaast is er voetbalclub Anderlecht. Deze topclub zit klein behuisd en droomt al jaren van een nieuw stadion. Nadat bekend raakte dat een nieuw stadion in Neerpede niet mogelijk zou zijn, werd aangekondigd dat bovenop het huidige Constant Vanden Stockstadion een derde ring zou worden gebouwd. Hierdoor zou de capaciteit kunnen uitgebreid worden van 25.000 naar 30.000 plaatsen. Maar blijkbaar vinden sommigen deze oplossing te minimalistisch en blijft Anderlecht vragende partij voor een groter stadion.

2. Daarnaast zijn er ook nog de commerciële belangen. Nu de kantorenmarkt in Brussel zo goed als verzadigd is, zoekt de vastgoedsector nieuwe wegen. Blijkbaar bestaat er een akkoord om in Brussel een gigantisch shoppingcentrum te bouwen van de omvang van twee keer Wijnegem (zo’n 10 miljoen bezoekers per jaar). Cruciaal hierbij is dat dit dossier gekoppeld wordt aan het nieuwe voetbalstadion. Ook elders wordt de bouw van nieuwe, grote stadia gekoppeld aan winkelcentra (cfr. Club Brugge), maar verschillend met bijvoorbeeld het dossier van Brugge is natuurlijk dat het hier in de eerste plaats gaat om de realisatie van een ‘nationaal’ voetbalstadion, dat vanzelfsprekend in grote mate door de overheid zal bekostigd worden. Hierdoor krijgen we in dit dossier een zeer merkwaardige verstrengeling, beter gezegd een onontwarbaar kluwen van politieke, commerciële en voetbalbelangen.

3. De rol van de overheid in dit dossier is alles behalve uitgeklaard. Aangezien het hier gaat om een ‘nationaal’ voetbalstadion zou men verwachten dat de federale overheid de eerste en belangrijkste trekker zou zijn. In de praktijk trekt het BHG het laken volledig naar zich toe. Het BHG is initiatiefnemer, werpt zich op als bouwheer (die er evenwel niets voor wil betalen) en tracht de andere overheden voor zijn kar te spannen. Brussel profiteert duidelijk van de besluiteloosheid en het gebrek aan beleid op federaal niveau.
Brussels minister Vanhengel speelt een zeer centrale rol in dit verhaal. Dit is vreemd omdat noch ruimtelijke ordening noch sport (een gemeenschapsbevoegdheid) tot zijn werkdomein behoren. Met de aankondiging op 1 augustus van de oprichting van een “Task Force” begin september, wil hij het dossier in een stroomversnelling brengen en de andere instanties dwingen tot overhaaste standpunten.

4. De eerste beslissing die men wil forceren is deze omtrent de locatie van het hele project. Precies op dit vlak heeft zich het afgelopen jaar een belangrijke ommezwaai voorgedaan.
Tijdens zijn beleidsverklaring op 17 oktober weerhield Brussels Minister-president Charles Picqué drie pistes: het zogenaamde Klein Eiland (een industriezone in Anderlecht nabij het Zuidstation), de renovatie van het bestaande Koning Boudewijnstadion op de Heizel en tenslotte een nieuwbouw op de terreinen van “Schaarbeek-Vorming”, een groot terrein van de NMBS van 200 hectaren op het grondgebied van Brussel-stad (Haren). Meteen liet hij evenwel zijn voorkeur blijken voor de laatste optie. Een stadion op het Klein Eiland zou mogelijk zijn, maar men moest rekening houden met “hoog oplopende kosten en met een waarschijnlijk lange uitvoeringstermijn”.
Over de Heizel was hij een stuk uitvoeriger: “De op het eerste gezicht aantrekkelijke optie om het Heizelstadion te renoveren, vertoont een paar zwakke punten. Het stadion brengt overlast teweeg voor de omwonenden en nu overwogen wordt om nog meer functies te vestigen op deze site, met een grote concentratie aan activiteiten tot gevolg, dreigt verzadiging. De bouw van een congrescentrum wordt momenteel bestudeerd en de site kan moeilijk zowel deze infrastructuren als een stadion huisvesten, zonder dat dit ten koste gaat van de goede plaatselijke aanleg en van de veiligheidsvoorschriften. Vanwege de veiligheidsvoorschriften is het onmogelijk om een groot multifunctioneel stadion in te passen in het traditionele stedelijke weefsel.”
Vandaar de keuze voor de derde locatie: “Het terrein aan Schaarbeek-Vorming biedt dan weer het voordeel dat er genoeg ruimte beschikbaar is en dat de hinder voor de omwonenden beperkt blijft. U weet dat de grote volksbewegingen vandaag bijzondere organisatorische maatregelen eisen die in gebieden met een overmaat aan bedrijvigheid moeilijk lokaliseerbaar zijn. (…) De optie om het stadion te vestigen op het terrein aan Schaarbeek-Vorming biedt ons bovendien de kans om deze site te ontwikkelen. Een supraregionaal project zou ons in de gelegenheid stellen de federale overheid te verzoeken werk te maken van de valorisering van de terreinen, in overeenstemming met de verzuchtingen van het Gewest. De Regering heeft dan ook beslist voor Schaarbeek-Vorming een richtschema op te starten om na te gaan of de bouw van een multifunctioneel stadion op die locatie technisch haalbaar is. Het richtschema behoort tevens een analyse van de totaalinrichting van de site te bevatten. Er dient met andere woorden te worden nagegaan of het haalbaar is er woningen te vestigen en terreinen ter beschikking te stellen van de Haven van Brussel (…).”

Het dossier van een congrescentrum op de Heizel wordt anderzijds wel gekoppeld aan de bouw van een grote evenementenhal: “Het verdient aanbeveling om een koppeling tot stand te brengen tussen de projecten die respectievelijk kaderen in de bouw van een nieuwe concertzaal en / of indoorzaal en in de bouw van een congrescentrum om zodoende een coherente pool voor congressen en vrijetijdsbesteding tot stand te brengen. De bouw van een indoorzaal zal dus bestudeerd worden in het kader van het richtschema ‘Heizel’.” Men heeft het in de praktijk over een spektakelzaal van 12.000 tot 15.000 zitplaatsen, die in de plaats zou moeten komen van Vorst-nationaal.

Tegelijk wil men op de Heizel een groot shoppingcentrum inplanten: “De aanbevelingen van het Schema voor Handelsontwikkeling voorzien in de vestiging van een grote handelsoppervlakte in het noorden van Brussel, hetgeen de aantrekkingskracht van dit gebied zou moeten herstellen en het een uitstraling moet bezorgen die reikt tot buiten onze gewestgrenzen. Een dergelijk project zou de ontwikkeling kunnen ondersteunen van congres-infrastructuren en / of vrijetijdsbesteding op een welbepaalde strategische site. De Heizelsite is dan ook de facto de site waarop deze activiteit vermoedelijk gevestigd zal worden. Het richtschema voor de Heizel moet dieper ingaan op de haalbaarheid van een dergelijk project en in het bijzonder op de weerslag die het zou hebben op de mobiliteit in de zone en de toegankelijkheid van de Heizelsite.”
En Picqué voegde eraan toe: “De Regering zal tevens nagaan of het opportuun is om, ook in het noorden van het Gewest, een tweede, kleiner winkelcentrum op te richten, met een handelsaanbod dat complementair is met dat van het eerste.” Alles wijst erop dat hiermee een winkelcentrum bedoeld werd dat gekoppeld zou worden aan het voetbalstadion op Schaarbeek-Vorming. Belangrijk om weten is ook dat het Brussels Gewest zelf een externe opdracht heeft uitgeschreven om een richtschema te maken voor het hefboomgebied Schaarbeek-Vorming. In de opdrachtomschrijving staat onder meer “een onderzoek naar de haalbaarheid of technische uitvoerbaarheid van de vestiging van een nieuw multifunctioneel voetbalstadion, onder meer in functie van de kandidaatstelling voor de organisatie van de wereldbeker voetbal in 2018.” Vreemd genoeg verklaarde de Vlaams-Brabantse gedeputeerde voor Ruimtelijke Ordening Dekeyzer (VLD) tijdens een debat in de provincieraad op 3 juni dat de aanbestedingsprocedure voor de opmaak hiervan nog lopende was. Men staat hiermee vandaag dus zo goed als nergens.


5. Eind januari 2008 lekte in Brussel Deze Week uit dat het grote shoppingcentrum aan de Heizel zou worden ingeplant op het terrein van Parking C. Een volkomen absurde keuze aangezien Parking C integraal op het grondgebied van Grimbergen ligt. Een onvermijdelijk tweetalig mega-shoppingcentrum hoort daar om velerlei redenen niet thuis. Vlaams Belang gemeenteraadslid Karlijne Van Bree uit Strombeek agendeerde daarop een motie op de raadszitting van 28 februari waarin de komst van zo’n shoppingcentrum werd afgewezen. De meerderheidspartijen amendeerden deze tekst in meer algemene zin met de bedoeling meteen ook andere grootschalige projecten af te wijzen. Volgende motie werd unaniem goedgekeurd (met uitzondering van drie onthoudingen bij de UF-fractie):

De gemeenteraad van Grimbergen:
- is zich er terdege van bewust dat een project op de site van parking C nooit de draagkracht van de wijde omgeving mag overstijgen
- geeft opdracht aan de gemeentelijke diensten om de betrokken instanties hierop te wijzen zodat hiermee rekening kan worden gehouden bij het opstellen van het gemeentelijk ruimtelijk
structuurplan.


6. Op donderdag 22 mei bracht Charles Picqué plots in een debat tijdens een vastgoedseminarie naar buiten dat toch voor de Heizel werd gekozen. Belga bericht hierover als volgt: “De keuze is uiteindelijk op de Heizel gevallen, niet alleen omdat de grond openbaar bezit is (van de stad Brussel), maar ook omdat het Brussels Gewest alleen zo een voorsprong kan nemen op het Vlaams Gewest.” "We worden geconfronteerd met intergewestelijke concurrentie", zei Picqué, verwijzend naar plannen voor een winkelcentrum in Machelen-Vilvoorde. "Snelheid is dus erg belangrijk. We moeten kijken waar de procedures het kortst zijn. Voor Schaarbeek-Vorming zijn de procedures zwaarder en dus langer". “De snelheid is ook belangrijk voor de bouw van het voetbalstadion. Brussels minister van Economie Benoît Cerexhe (cdH) heeft tegen september een antwoord beloofd over de plaats waar het winkelcentrum en het stadion opgetrokken kunnen worden op de terreinen van de Heizel,” aldus Belga.

Uit dit bericht en uit de bijzondere plaats waar de verklaringen werden afgelegd, blijkt ten overvloede dat de keuze voor de Heizel niets te maken heeft met stedenbouwkundige argumenten. Men baseert zich al evenmin op het externe onderzoek naar het hefboomgebied-Schaarbeek dat nog helemaal niet werd afgerond. De keuze is enkel het gevolg van de druk van de Brusselse vastgoedlobby en kadert in een concurrentiestrijd met Vlaamse projecten. Concreet viseert men het project van “Uplace” in Machelen, hoewel dit eerder toeristisch-commercieel project zal mikken op een totaal ander publiek dan dat van een gewoon shoppingcentrum (zie verder).


7. Volgens Belga reageert VLD-minister Guy Vanhengel diezelfde dag “tevreden” op deze persberichten en lanceert hij meteen enkele bijkomende elementen: “Het multifunctionele stadion kan volgens de minister perfect op Parking C. Het nieuwe stadion zou de thuisbasis worden van RSC Anderlecht en de Rode Duivels en tegelijkertijd plaats bieden aan allerlei spektakels en grote namen uit de muziekwereld, zegt de minister. Het Koning Boudewijnstadion moet volgens de minister behouden blijven voor atletiek en andere activiteiten die er nu nog plaatsvinden.”

Het is dus duidelijk vooral Vanhengel die de locatie van parking C naar voor schuift evenals de combine met Anderlecht. Ondervraagd door Frederic Erens maakt Picqué op 29 mei nog duidelijk voorbehoud hierover: “Sommigen suggereerden Parking C, maar die maakt niet eens deel uit van het Brussels Gewest. Daarvoor is overleg nodig met het Vlaams Gewest.” Bovendien wordt de piste van Schaarbeek-Vorming nog niet helemaal begraven: “Over Schaarbeek-Vorming wordt nog onderhandeld met het fonds voor spoorweginfrastructuur (FSI) en de federale regering bevindt zich in een onzekere situatie. Daardoor treedt de bouw van een stadion op de Heizel weer op de voorgrond en dat zal bepalen waar de andere infrastructuur kan komen.” Opnieuw is duidelijk dat de keuze voor de Heizel alleszins niet gebaseerd is op de goede ruimtelijke ordening en het algemeen belang. De schuld voor de optie-Heizel wordt zelfs in de schoenen geschoven van de federale overheid.

8. Dit blijkt opnieuw in een antwoord van Picqué op diverse vragen in commissie op 25 juni: “Rekening houdend met de ruimtelijke ordening is Schaarbeek-Vorming volgens mij de beste locatie voor een nieuw stadion, maar dat is de theorie. In de praktijk liggen de zaken misschien wel eens anders. Ik heb altijd gezegd dat de renovatie van het Koning Boudewijnstadion de eenvoudigste optie is. Indien de federale overheid echter haar goedkeuring zou geven om op het terrein van Schaarbeek-Vorming een stadion te bouwen, dan zou de regering aan die locatie de voorkeur geven, omdat ze meer voordelen biedt qua mobiliteit en qua veiligheid. De conclusies van de studie van de NMBS over de haalbaarheid van een project op Schaarbeek-Vorming zullen dus doorslaggevend zijn.”

9. Picqué verwijst hiermee naar een vraag die premier Leterme tijdens een ontbijtvergadering op 5 juni (met o.a. hemzelf en de Brusselse burgemeester Thielemans) formuleerde ten aanzien van Spoorbaas Jannie Haeck. In antwoord op een uitgebreide interpellatie van Bart Laeremans stelde Leterme op 2 juli dat hij aan Haeck uitleg had gevraagd (op een informele wijze en niet in de vorm van een geschreven opdracht of studie) over de situatie van de NMBS-gronden. Tegen 31 augustus zou deze oud-kabinetschef van Vande Lanotte enige klaarheid moeten brengen over de eigendomssituatie, bodemgesteldheid en proceduretermijnen.

Opvallend hierbij is dat Leterme zelf een groot scepticisme laat blijken: “Ik meen, net als een aantal andere mensen rond die tafel die ochtend, dat het wel eens zou kunnen dat het verloren geld is om Schaarbeek te onderzoeken omwille van de procedurele aspecten die erbij komen kijken. Er moet een wijziging gebeuren van de bestemmingsplannen die ter zake gelden.” Alles wijst er dus op dat Leterme reeds bij voorbaat gekozen heeft voor de site van de Heizel. Op 6 juni lazen we in Le Soir alvast dat Leterme het rapport van de NMBS enkel gevraagd heeft om de piste-Schaarbeek voorgoed te begraven: “Avec cette étude, il s’agit de vider complètement l’hypothèse Schaerbeek avant de se tourner définitivement vers le Heysel.”


10. Zeer opmerkelijk is ook dat Leterme zich in dit dossier uitsluitend laat omringen door Franstalige politici, Met name Freddy Thielemans en Charles Picqué van de PS en de Brusselse MR-senator Alain Courtois. Die laatste is bovendien degene die “de leiding heeft van de behartiging van het dossier op de Wetstraat 16”, aldus Leterme. Het was diezelfde projectleider Courtois die zich in het verleden al heel fel geëngageerd heeft ten gunste van de Heizel en deze piste naar eigen zeggen reeds bij Fifa-baas Platini heeft aangeprezen. De snelle bouw van een nieuw stadion in Brussel en de gezamenlijke kandidatuur met Nederland voor de wereldbeker van 2018 waren zijn belangrijkste verkiezingsbeloften. De man blijft te pas en te onpas aandringen op spoed, terwijl het WK-dossier pas moet ingediend worden tegen eind 2010. Onder meer in Het Laatste Nieuws van 24 april stelt hij vlakaf: “Ik vraag dat eind 2008 alle sites in de potentiële zes WK-steden vastliggen.” Courtois kreeg de opdracht om tegen eind augustus een studie te maken over de financiële aspecten van de optie-Schaarbeek (Le Soir, 6 juni). Objectief kan deze studie dus onmogelijk genoemd worden. De man is gewoon rechter en partij.

Uit het erg vage en warrige antwoord van Leterme is wel gebleken dat er nog helemaal geen afspraken zijn gemaakt over financiering en samenwerking tussen de betrokken overheden; het hele project bevindt zich dus nog in een embryonaal stadium. Maar tegelijk is duidelijk dat Leterme zich zo veel mogelijk aan zijn verantwoordelijkheid wil onttrekken. Omdat het federale niveau niet bevoegd is inzake bestemmingsomgeving, stelt Leterme letterlijk: “Ik herhaal dat mijn rol alleen faciliterend is, dus van de mensen rond de tafel te krijgen.”

11. Onontbeerlijk in dit verhaal, voor zover het betrekking heeft op Parking C, is uiteraard de Vlaamse Regering. Greet Van Linter ondervroeg tweemaal minister van Ruimtelijke Ordening Van Mechelen (op 5 en 25 juni) en eenmaal minister van Sport Anciaux (8 juli). Uit deze debatten is onder meer gebleken dat de Vlaamse Regering op geen enkel ogenblik door het Brussels Gewest in kennis werd gesteld van enig dossier. Er is gewoon nog geen dossier. Anciaux stelt tevens dat er door de Vlaamse Regering geen enkele beslissing ter zake genomen werd en toont zich allerminst enthousiast voor de optie van Parking C.
De houding van Van Mechelen is veel dubbelzinniger, zeker nadat de Brusselse krant La Capitale op 23 juni gemeld had dat hij volgens Vanhengel open stond voor de ‘oplossing’ van Parking C. In plaats van categoriek elk akkoord te ontkennen en de werkwijze van Brussel aan te klagen, bevestigde hij een informeel overleg met “mijn collega en goede vriend Guy Vanhengel”. Hij liet bovendien duidelijk verstaan dat er wel degelijk met Brussel over Parking C kan gepraat worden, eventueel gekoppeld aan andere dossiers: “Als we over Parking C en mobiliteit spreken zal ook Vlaanderen een aantal oude eisen op tafel leggen om de mobiliteit rond onze hoofdstad en in Vlaams-Brabant te verbeteren. Men weet nooit of men op dat moment geen interessant breekijzer vindt om dat dossier te openen. Het dossier bevindt zich in een zeer prille fase. Er is in de maand juni ook geen enkel ambtelijk overleg gehouden. Het is wachten op een gedragen dossier vanuit het Brusselse Gewest of Brussel- Hoofdstad.”
12. Opvallend is ook dat de NMBS volgens Van Mechelen negatief lijkt te staan ten aanzien van de keuze voor Schaarbeek-Vorming. Zo vertelden Vanhengel en Picqué hem “dat uit hun contacten met de NMBS en in het bijzonder de NMBS-holding blijkt dat het bijzonder moeilijk is om op korte termijn een project in Schaarbeek te realiseren. Ook uit informele contacten die ik zelf maandelijks met Infrabel heb in het kader van nogal wat spoorweginfrastructuur in Vlaanderen blijkt dat. Het zal nogal wat hypotheken leggen op geplande expansie vanuit Infrabel zelf.” De NMBS zelf is dus geen vragende partij voor de piste van Schaarbeek-Vorming. Het antwoord van Yannie Haeck aan Leterme is dan ook al op voorhand gekend. Ook deze ‘studie’ kan dus onmogelijk als onafhankelijk of objectief beschouwd worden.

13. Hoewel de rapporten van Courtois en Haeck nog helemaal niet zijn binnengeleverd en ook de Vlaamse regering nog helemaal geen standpunt heeft ingenomen bij gebrek aan een dossier, schakelt Brussels minister Guy Vanhengel op 1 augustus in tweede versnelling. Hij stelt aan de pers een uitgebreide nota voor waaruit moet blijken dat Parking C de enige zinvolle optie is en kondigt meteen een stappenplan aan om de bouw in Grimbergen te realiseren. Daarin wordt een Task Force aangekondigd die de Brusselse regering zal oprichten begin september en die zal bestaan uit ambtenaren en uit vier Brusselse ministers (Picqué, economieminister Cérexhe (cdH), mobiliteitsminister Pascal Smet en natuurlijk ook de onmisbare Guy Vanhengel zelf als minister van Financiën. Van enige federale aanwezigheid is geen sprake.
Daarnaast wordt een “Werkgroep Brussels Arena” opgericht waarin naast de Task Force ook het Brussels schepencollege en de vzw Tentoonstellingspark zullen zetelen. In een tweede fase wordt de werkgroep uitgebreid met vertegenwoordigers van RSC Anderlecht, de Voetbalbond en mensen uit de spektakelwereld.
Tevens worden stappen ondernomen om Picqué en Vanhengel te betrekken bij de Vlaamse Task Force “belast met de opvolging van de ontwikkeling van het Vlaams Stedelijk Gebied rond Brussel.” Het Brussels Gewest wil hiermee dus inbreken in het ruimtelijk planningsproces dat momenteel aan de gang is binnen de Vlaamse administratie i.v.m. de Vlaamse Rand. Voor het jaareinde wil Vanhengel dat de werkgroep een programma indient bij de Vlaamse regering voor een multifunctioneel stadion, zodat Vlaanderen van wal kan steken met een ruimtelijk uitvoeringsplan en een milieu-effect-rapport.

14. Vanhengel en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest willen Vlaanderen en de Vlaamse Rand dus in ijltempo met een megadossier opzadelen dat in de eerste plaats moet dienen om “voorsprong te nemen op Vlaanderen” en dus om de Vlaamse belangen te schaden. Brussel beschikt hierbij niet over gefundeerde stedenbouwkundige argumenten, laat staan over ernstige studies die zouden aantonen dat een concentratie op de Heizel van letterlijk alle aantrekkingspolen voor een massapubliek, niet zal leiden tot een verkeersinfarct.


2. Plannen volstrekt onaanvaardbaar #
Het Vlaams Belang is ten zeerste geschokt door dit dossier. In de eerste plaats omwille van de wijze waarop men te werk is gegaan. Er wordt zomaar over een stuk van Vlaanderen en van Grimbergen gesproken, publiek stelling genomen en zelfs beslist zonder ernstig en voorafgaand overleg met het Grimbergs gemeentebestuur of met de Vlaamse overheid. Opnieuw worden we geconfronteerd met een zoveelste uiting van mateloze Brusselse arrogantie en imperialisme. Dat uitgerekend een ‘Vlaams’ minister hierin het voortouw neemt, en alweer in de rol kruipt van Flamand de service maakt het allemaal nog schrijnender.
Maar daarnaast zijn er ook heel wat zuiver rationele argumenten om dit dossier met klem af te wijzen:
1. Het zou volkomen absurd zijn dat voor een topclub als Anderlecht geen geschikte locatie zou gevonden worden binnen de Brusselse grenzen. Er is geen enkele reden om Anderlecht uit Brussel te verbannen. Evenzo is het de evidentie zelf dat zo’n nationaal stadion thuishoort in de hoofdstad en niet erbuiten.
2. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is Schaarbeek-Vorming volgens de Brusselse regering de juiste optie. Logisch zou dus zijn dat zij alles in het werk stelt om die optie te realiseren. Aangezien de gronden in overheidshanden zijn, kan dit mits wat goede wil voldoende snel gebeuren. Het BHG zou anders een gouden kans laten schieten om, deels met federale middelen, een belangrijk stadsdeel te renoveren en te valoriseren. Het is zeer betekenisvol en tegelijk hemeltergend dat men bewust weigert deze piste op een objectieve en grondige wijze te laten bestuderen.
3. Al helemaal absurd is dat Vlaanderen grond moet leveren en de nodige spoedprocedures moet in werking stellen om het Brussels Gewest “voorsprong te laten nemen op Vlaanderen”. De keuze voor de juiste locatie moet afhangen van argumenten inzake ruimtelijke ordening en mobiliteit en niet van de commerciële belangen van bepaalde vastgoedbaronnen.
4. Volgens diezelfde regering was de Heizel (renovatie van het oude stadion) dan weer geen optie want “Vanwege de veiligheidsvoorschriften is het onmogelijk om een groot multifunctioneel stadion in te passen in het traditionele stedelijke weefsel.” Dit geldt des te meer voor Parking C, die buiten Brussel ligt en evengoed omgeven wordt door woonwijken.
5. Volgens de nota van Vanhengel van 1 augustus, stuit het voorstel van de herbouw of renovatie van het Koning Boudewijnstadion op hevig verzet van het Brussels stadsbestuur van PS-burgemeester Thielemans: “Ook hier wordt gevreesd voor te veel overlast van een doorgedreven exploitatie van een voetbal- en spektakeltempel op de omliggende wijken van Laken.” Als zelfs het Brussels stadsbestuur vreest voor overlast, hoezeer is dat dan niet van toepassing op de omliggende wijken van Strombeek-Bever en Wemmel, die vandaag reeds zwaar onder druk staan van het Heizelgebeuren? Het is onaanvaardbaar de overlast van Brussel zomaar af te wentelen op een bescheiden gemeente uit de Vlaamse Rand. Grimbergen kan dit op vlak van ordehandhaving gewoon niet aan.
6. Een grootschalig winkelcentrum van twee keer de omvang van Wijnegem-Shopping dreigt uiterst nefaste gevolgen te hebben voor de handelswijken in de binnenstad, terwijl die nu al te maken hebben met leegloop. Het Vlaams Belang onderschrijft ter zake de kritiek van Unizo en van de Brusselse schepen voor Handel Jean De Hertogh (CD&V), die stelde: “Ik zal me blijven verzetten zolang ik schepen zal zijn. De lokale handel zal vernietigd worden en de tewerkstelling in de binnenstad zal klappen krijgen.”
7. Een grote bijkomende concentratie van grootschalige activiteiten op de Heizel zal onvermijdelijk zorgen voor een nog veel grotere druk op de woningmarkt in de Noordrandgemeenten, terwijl men er vandaag reeds voor de meest eenvoudige woning een fortuin moet neertellen. Dit zal de oorspronkelijke bevolking nog verder verjagen. Alleen al om die reden moeten dergelijke functies beter gespreid worden over de hele stad.
8. De bereikbaarheid van de omliggende gemeenten zal met zo’n concentratie aan activiteiten helemaal in het gedrang komen. Nu reeds is de noorderring tussen A12 en E19 het drukst bereden stuk autostrade van het land. Het verkeer staat er vandaag al gedurende uren per dag stil. Wanneer men daar bovenop nog eens vele miljoenen dagjestoeristen richting Heizel zuigt, wordt heel deze regio één groot verkeersinfarct.
9. Tenslotte is het gewoon ondenkbaar dat een grote tweetalige voetbalclub zomaar wordt neergepoot in een Vlaamse gemeente. Vandaag reeds lijdt Grimbergen ten zeerste onder de verfransende invloed van jeugdploegen, waar trainingen deels of helemaal in het Frans worden gegeven. Met de komst van een eersteklasser zoals Anderlecht zou het hek helemaal van de dam zijn. Grimbergen is Brussel niet.
Kortom, de plannen zijn, we houden het beleefd, KRANKJORUM. Ze zijn ten zeerste in het nadeel van Brussel zelf en zouden tegelijk catastrofale gevolgen hebben voor de bereikbaarheid, de leefbaarheid en de betaalbaarheid van de Vlaamse Noordrandgemeenten. De grootheidswaanzin van bepaalde arrogante politici uit Brussel moet gestopt worden.


3. Over de rol van vijf overheden #
3.1. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG)
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest laat zich in dit dossier andermaal van zijn meest imperialistische kant zien. Hoewel MR-FDF momenteel in de oppositie zit, verschilt de houding van de huidige Brusselse regering in niets van deze van Olivier Maingain. De arrogantie waarmee het betrokken gemeentebestuur van Grimbergen en het Vlaams Gewest behandeld worden, is grenzeloos. Maar de houding van Brussel is vooral verbijsterend omdat men andermaal beslissingen dreigt te nemen die nefast zijn voor de Brusselaars zelf; beslissingen die niet stroken met de belangen van de Brusselaars inzake stadsvernieuwing, ruimtelijke ordening, veiligheid en bereikbaarheid.
De volstrekt irrationele en lichtzinnige houding van de betrokken Brusselse ministers en van met name Guy Vanhengel kunnen enkel maar verklaard worden door de grote druk die de Brusselse vastgoedsector op deze heren legt. We laten daarbij in het midden of zij gewoon te zwak zijn om aan deze druk te weerstaan dan wel of zij zich laten lijmen. Duidelijk is in ieder geval dat zij zich alles behalve laten leiden door het algemeen Brussels belang. Het enige wat de heren politici nog interesseert is dat het geplande winkelcentrum zo snel mogelijk kan opengaan om aldus voorsprong te kunnen nemen op Vlaamse projecten. Plat gezegd: het is hun om de poen te doen.
De Brusselse politici spelen het spel bovendien bijzonder vals: ze kondigen een studie aan over de haalbaarheid van Schaarbeek-Vorming, maar wachten de resultaten daarvan niet af of schuiven ze zelfs op de lange baan. In de plaats daarvan worden allerlei drogredenen naar voor geschoven (vervuilde gronden, instabiel terrein, moeilijke eigendomssituatie, ingewikkelde en langdurige procedures, …) waarom Schaarbeek-Vorming niet geschikt zou zijn. Parking C daarentegen kan dank zij de Vlaamse procedures in een drafje bebouwd worden. Dit is een totaal ongeloofwaardig verhaal. De gronden van Schaarbeek-Vorming zijn publiek en de procedures inzake milieu en ruimtelijke ordening ressorteren onder het BHG. Met wat goede wil kunnen federale en Brusselse politici daar snel tot de nodige realisaties komen.
Er moet overigens een belangrijke kanttekening geplaatst worden bij de spoed waarmee sommigen het dossier door de beslissingsmolen willen draaien. In Het Laatste Nieuws van 24 april beweert Courtois dat tegen eind 2010 de kandidatuur met alle bouwvergunningen klaar moet zijn. Zelfs Picqué moest op 25 juni toegeven dat dit onwaar is en dat enkel een intentieverklaring volstaat. Er is dus nog tijd zat. Wanneer men in 2013 kan beginnen bouwen, zit men nog ruim op schema.
Met zijn nota van 1 augustus drijft Vanhengel de kwaadwilligheid ten top. Zonder het rapport van de NMBS af te wachten en zelfs maar enig onderbouwd dossier over te maken aan het Vlaams Gewest, wil hij enerzijds het laken volledig naar Brussel toetrekken en anderzijds alle andere overheden dwingen tot razendsnelle beslissingen. Vanhengel ontpopt zich hiermee tot een uiterst verdienstelijke slippendrager van de francofone politici en de vastgoedbaronnen. In het verleden werd CD&V’er Chabert beschouwd als het summum van Vlaamse toegeeflijkheid en onderdanigheid in Brussel. Vanhengel blijkt vele malen erger te zijn. We stellen dat vast in de taaldossiers (omzendbrieven, pleidooien voor de afschaffing individuele tweetaligheid lokale besturen, Vilvoorde, …), de financieringsdossiers (onderwijs, belastingen pendelaars, …), geluidsoverlast Zaventem en nu ook weer in het dossier van “Brussels Arena”. Vanhengel wordt daarvoor vanzelfsprekend uitgebreid geprezen in de Franstalige pers, waardoor zijn pretentie, zeg maar arrogantie, de allures krijgt van die van een omhooggevallen Baas Ganzendonk. Zo beweerde de man op 2 juli in Le Soir in alle ernst dat Vlaanderen internationaal niets te betekenen heeft en dat de haven van Antwerpen beter “Brussels Seaport” zou genoemd worden.

3.2.De federale regering
De federale regering en in het bijzonder Premier Leterme stellen ten zeerste teleur in dit dossier. Vermits het hier gaat om een dossier van nationaal belang (oprichting van een nationaal voetbalstadion in het kader van een kandidatuurstelling voor de wereldbeker), zou men verwachten dat Leterme de leiding neemt in dit dossier. Ook al omdat het federale niveau onvermijdelijk een belangrijke financier zal zijn voor dit stadion. Maar precies het tegendeel gebeurt. Leterme stelt zelfs letterlijk dat zijn rol “alleen faciliterend is” en hij laat het terrein helemaal over aan de Franstalige of francofiele Brusselse politici. Zelfs op zijn kabinet laat hij de behartiging van het dossier over aan de Franstalige MR-senator Alain Cortois, die dan nog persoonlijk ten zeerste geëngageerd is in dit dossier.
Uit het antwoord van Leterme op de interpellatie van 2 juli is gebleken dat hij duidelijk op de lijn zit van Franstalig Brussel. Hij laat zich voor hun kar spannen en beheerst het dossier zelf van geen kanten. Op de 33 vragen die gesteld werden, kwam nauwelijks enig concreet antwoord. Geen enkel van de gevraagde beleidsdocumenten werd meegedeeld. Over de financiering van het project is er geen enkele visie, laat staan enige toezegging. Het enige wat Leterme voorlopig organiseerde, was een ontbijtvergadering, waarop wat algemene vragen werden gesteld aan Spoorbaas Yannie Haeck en aan Alain Courtois.
Inmiddels kan Picqué in parlementaire debatten naar hartelust de oorzaak voor het wegvallen van de optie-Schaarbeek leggen bij de besluiteloosheid van de federale regering.
Het is precies door de inertie van de federale regering dat Vanhengel erin slaagt het laken volledig naar zich toe te trekken, met alle rampzalige gevolgen van dien voor Vlaams-Brabant. Leterme heeft tot op heden nagenoeg geen enkel zwaar dossier tot een goed einde gebracht. Zeker niet op communautair vlak. Ook dit dossier lijkt hij helemaal te zullen verknoeien. Het is de hoogste tijd dat zijn partij hem tot de orde roept.

3.3. De Vlaamse regering
De houding van de Vlaamse regering in dit dossier is nog veel onbegrijpelijker en dubbelzinniger dan deze van Leterme. In plaats van Brussel krachtig terecht te wijzen omwille van zijn respectloze en extreem arrogante handelswijze, laat men de grootste welwillendheid blijken en treedt alvast de Vlaamse minister van Ruimtelijke Ordening in een vazalrol. Uit een aantal publieke verklaringen van Vanhengel, weergegeven in de pers, blijkt alvast duidelijk dat Van Mechelen zich persoonlijk geëngageerd heeft in dit dossier t.a.v. zijn “goede vriend” Vanhengel. Vlaanderen heeft nochtans geen enkele baat bij de bouw van een “Brussels Arena” op zijn grondgebied, temeer daar de keuze voor de Heizel precies bedoeld is om “een voorsprong te nemen op Vlaanderen” en er bovendien voor zorgt dat de hinder in grote mate wordt afgewenteld op de Noordrand. We hebben hier te maken met een vuile combine tussen twee liberale politici, waarbij alles er op wijst dat Van Mechelen al even stevig in de greep zit van de vastgoedlobby als Vanhengel zelf. Maar dit zal de goede waarnemer allerminst verwonderen. Grote vraag is wat het standpunt is van de andere Vlaamse ministers en wanneer zij de moed zullen hebben om kleur te bekennen.
Alleszins is met dit dossier voor de zoveelste maal duidelijk geworden dat Vlaanderen op een volledig verkeerd spoor zit met zijn “Vlaams Stedelijk Gebied voor Brussel”. Het rolt nu zelf de rode loper uit voor de massale verBrusseling en dus verfransing van Vlaams-Brabant.

Ook bij het (reeds veel verder gevorderde) dossier van Uplace in Machelen, met zijn hoteltoren van 100 meter hoog en zijn intentie om “een stad in een stad” te worden kan men in dit verband de grootst mogelijke vragen stellen. Het is dit winkel- en ontspanningscentrum, dat tegen eind 2012 zijn deuren zou openen, dat Brussel als aanleiding gebruikt om de forcing te voeren in het Heizeldossier. Dit project richt zich in de eerste plaats op een zeer internationaal publiek van luchthavenpassagiers en zal onvermijdelijk de internationalisering van de Vlaamse Rand in de hand werken. Iets geruststellender is dat het hier gaat om een initiatief van Vlaamse ondernemers, maar bij privé-initiatieven is de continuïteit nooit verzekerd. Ook dit project hoort eigenlijk thuis in Brussel zelf. En ook hier dreigt grote verkeersoverlast.

Het is de hoogste tijd dat Vlaanderen komaf maakt met dit “Vlaams Stedelijk Gebied” en een ruimtelijke strategie ontwikkelt die de verBrusseling van Vlaams-Brabant tegengaat in plaats van bevordert.

3.4. De gemeente Grimbergen
Het gemeentebestuur van Grimbergen heeft tot op heden een bijzonder passieve, lijdzame houding aangenomen in dit dossier. Het lijkt wel of het college de zaak gewoon ondergaat en over zich heen laat walsen. Een goed functionerend en krachtdadig gemeentebestuur had al lang krachtig en luidruchtig gereageerd tegen de kuiperijen van de Brusselse regering en minister Vanhengel. Het schepencollege had sinds de motie van de gemeenteraad van 28 februari een duidelijk mandaat ter zake. De Grimbergse CD&V-schepen van Ruimtelijke Ordening, Odiel Schelfhout, bevestigde ons dat het oranje-blauwe college nog steeds gekant is tegen een grootschalig project op de Heizelparking en dit werd ook duidelijk gesteld tijdens de besprekingen van het gemeentelijk structuurplan. Maar burgemeester Willems (CD&V) laat alvast een zeer merkwaardig geluid horen als reactie op de actie van Vanhengel begin augustus: “Een winkelcentrum is voor ons uitgesloten, een voetbalstadion is natuurlijk iets anders. Het zal in elk geval een wikken en wegen worden.” Het was nochtans zijn eigen fractieleider, Patrick Mensalt, die op de gemeenteraad van februari de motie van raadslid Karlijne Van Bree tegen het shoppingcentrum in een veel bredere zin liet uitbreiden.
Het Vlaams Belang aanvaardt deze dubbelzinnigheid niet langer en heeft de kwestie opnieuw geagendeerd voor de raadszitting van woensdag 27 augustus (zie bijlage). Daarin wordt duidelijk gesteld dat een spektakeltempel thuishoort binnen de grenzen van Brussel en niet erbuiten.

3.5. De provincie Vlaams-Brabant
Ook de provincie Vlaams-Brabant, die eveneens een belangrijke bevoegdheid heeft inzake ruimtelijke ordening, was tot op heden bijzonder zwijgzaam in dit dossier. In de provincieraad diende fractievoorzitter Jan Laeremans op 3 juni een motie in om te protesteren tegen de plannen van het Brussels Gewest. Maar de meerderheidspartijen (CD&V/N-VA, VLD, SP.a-Spirit) durfden geen standpunt innemen. Gedeputeerde Dekeyser (VLD) vond dat er “overgereageerd” werd. Hij stelde: “Al hetgeen nu gezegd wordt is te voorbarig. Er is geen aanvraag toegekomen bij de administratie. Er wordt eerst een studie opgesteld. Deze studie zal pas klaar zijn over drie jaar. Het is dus onmogelijk om voor 2012-2014 te starten. De goede relaties met het Brusselse Gewest worden ook best behouden.” Daarop werd onze motie weggestemd door de meerderheidspartijen, met uitzondering van VLD-raadslid Audrey Valkeniers-Van Zyl, die, net als de Groen!-fractie, voor onze motie stemde.

Omwille van de nieuwe wending die het dossier sindsdien genomen heeft, met name na de actie van Vanhengel op 1 augustus, zal op de eerstvolgende provincieraad een nieuwe motie ingediend worden.


4. Wat wil het Vlaams Belang? #
Het Vlaams Belang is zeker geen tegenstander van een vernieuwd of een geheel nieuw nationaal voetbalstadion en al evenmin van een gezamenlijke kandidatuurstelling voor de wereldbeker voetbal met Nederland. Maar we formuleren hierbij duidelijke eisen:
1. Vermits het hier gaat om een dossier van nationaal belang, waarbij de federale overheid in belangrijke mate financieel zal tussenkomen, eisen wij dat het federaal niveau dit dossier naar zich toetrekt; de dominantie van Franstalige figuren en van het Brussels Gewest moet ongedaan gemaakt worden en de francofiel Guy Vanhengel moet zich terugtrekken uit dit dossier;
2. De federale overheid, de beide gemeenschappen en het Brussels Gewest moeten binnen een redelijke termijn duidelijk maken welke financiële middelen er de komende jaren kunnen vrijgemaakt worden voor een nieuw of vernieuwd voetbalstadion;
3. Dit stadion en aanhorigheden moeten zich hoe dan ook situeren binnen de grenzen van het Hoofdstedelijk Gewest; de inplanting moet gebeuren op een locatie die op basis van objectieve criteria het best beantwoordt aan de vereisten van een goede ruimtelijke ordening, veiligheid en bereikbaarheid; overconcentratie moet daarbij hoe dan ook vermeden worden;
4. Er moet door de federale overheid op korte termijn een ernstig, diepgaand en vooral onafhankelijk onderzoek georganiseerd worden naar de juridische en fysieke mogelijkheden van de terreinen van Schaarbeek-Vorming en van andere mogelijke locaties in Brussel; 2018 geniet de voorkeur, maar kan daarbij geen fetisj zijn; desnoods wordt 2022 de nieuwe horizont;
5. Er moet een ernstige, onafhankelijke studie komen naar de noden en mogelijkheden inzake shoppingcentra in Vlaams-Brabant en Brussel en naar de gevolgen hiervan voor de bestaande handelswijken en handelscentra;
6. De Vlaamse regering moet hoogdringend tot een eenduidig standpunt komen in dit dossier en de Brusselse arrogantie krachtig van de hand wijzen. De combine Vanhengel-Van Mechelen moet zo snel mogelijk doorbroken worden.
7. De Vlaamse regering moet haar plannen i.v.m. het “Vlaams Stedelijk Gebied rond Brussel” intrekken en vervangen door een concept dat de uitbreiding van Brussel tegengaat en het landelijk en Vlaams karakter van Vlaams-Brabant vrijwaart;
8. Voor Parking C moet de gemeente Grimbergen samen met de Vlaamse overheid een realistischer, kleinschaliger en vooral Vlaamser project uitwerken.







5. Het Vlaams Belang in het verzet #
Het Vlaams Belang zal alles in het werk stellen opdat de megalomane en absurde plannen van Vanhengel zouden mislukken.
1. In Grimbergen en de aanpalende wijk van Wemmel worden de komende dagen 16.000 folders verspreid waarin de problematiek uitvoerig wordt uitgelegd; bijkomende folders zullen verspreid worden indien nodig;
2. Ook in onze Brusselse publicaties zal opnieuw aandacht geschonken worden aan de nadelige gevolgen van een overhaaste inplanting op de Heizel;
3. Op de gemeenteraad van woensdag 27 augustus wordt door Karlijne Van Bree voorgesteld het standpunt van februari te bevestigen en een inplanting van “Brussels Arena” in Grimbergen te verwerpen;
4. Op de eerstvolgende provincieraad zal de kwestie eveneens opnieuw geagendeerd worden door fractievoorzitter Jan Laeremans;
5. Bart Laeremans zal Premier Leterme interpelleren over het standpunt van de NMBS; van de federale overheid zal geëist worden dat ze eindelijk haar verantwoordelijkheid opneemt in dit dossier; Leterme zal kleur moeten bekennen;
6. Op Brussels niveau zal Frederic Erens de ministers Picqué en Vanhengel interpelleren omwille van hun pogingen om overhaaste en nefaste beslissingen af te dwingen van de andere overheden, zelfs zonder dat hen de meest elementaire informatie wordt bezorgd;
7. Op Vlaams niveau zal Greet Van Linter de Vlaamse regering interpelleren over de vazalrol die zij tot op heden heeft gespeeld in dit dossier.

Het Vlaams Belang wil tenslotte dat ook de andere partijen kleur bekennen in dit belangrijke dossier. Tot nog toe heeft enkel de Brusselse afdeling van Spirit duidelijk stelling genomen. Maar waar blijft de SP.a? Nochtans had Louis Tobback in Brussel Deze Week van 31 januari 2008 nog het volgende verklaard over het nieuwe shoppingcentrum: “Dit wordt een waar kankergezwel voor de regio Halle, heel het Pajottenland, Vilvoorde tot zelfs Mechelen en voorbij Diest. Ik zal die waanzin bestrijden met alle middelen die ik heb”. Wordt dit een nieuwe loze TGV-belofte?
En waar blijft CD&V in dit verhaal? Enkel Eric Van Rompuy heeft zich reeds negatief uitgelaten over een inplanting op Parking C, maar de andere ministers in de Vlaamse regering hebben tot op heden zo hard mogelijk gezwegen. Spelen zij het vuile spel van Van Mechelen mee? En waar blijft Brigitte Grouwels in Brussel? Kijkt zij zoals steeds opnieuw zweverig de andere kant uit? Of durft zij Vanhengel eindelijk tegenspreken?




2007 Vlaams Belang